logo

Michiel Tolman in Leren Doceren: Zorg als docent voor magisch moment!

”Zorg als docent voor magisch moment! Neem magistraten mee de maatschappij in als SSR-docent. Dat levert waardevolle ervaringen op.” 

Volgens Michiel Tolman, directeur van de Bildung academie, geeft de ideale docent inspraak: ‘als de rechter of officier kan inbrengen waar hij tegenaan loopt, wordt hij enthousiast.’

Tolman gaf onlangs zijn visie op Bildung, snelle leercurves en de regie bij de cursist leggen in het magazine voor professionals in de rechterlijke organisatie. Het volledige interview lees je hier.

Welke docent heeft jou tijdens je studie het meest geïnspireerd?

“Mijn bachelor Politicologie was interessant qua kennis. Maar ik verbaasde me er altijd over dat het echte gesprek, het samen leren, afwezig was. Ook in het extra honours programme, voor verbreding en verdieping, was de docent vooral aan het zenden. Totdat ik in dat programma college kreeg van Eugène Sutorius, voormalig advocaat, VU-hoogleraar Strafrecht, parttime rechter en eloquent spreker. Hij liet mij zien hoe je een klaslokaal ook kunt inrichten. Hij zei: ‘Ga staan, jij bent een PVV’er, verkoop aan een zaal vol GroenLinksers het PVVprogramma’. De rest van het college ging over die casus en welke theorieën daar bij hoorden. Later kwam een theaterdocent. Die keek naar je houding en articulatie.. Zo wordt Pathos – bespeel je publiek – een stuk levendiger.”

De Bildung Academie ontstaat in 2015 rond de academische revolte in Amsterdam. Gebouwen worden bezet, docenten en studenten bekritiseren het onderwijs en eisen meer inspraak. Hoe ontstond de Academie en wat was jouw aandeel?

“Na mijn master International Relations werkte ik bij een bureau voor organisatieadvies. Tijdens een diner vroeg ik de senior consultants: ‘Als je alle lagen van de ui afpelt, wat is dan de essentie van het probleem?’ Hun antwoord: ‘Dat is de menselijke relatie. Er zit meestal iets niet lekker tussen belangrijke mensen in een bedrijf’. Toen dacht ik: ‘Maar waarom is voor zo iets essentieels geen aandacht op de universiteit?’ Ik herinnerde ik me Eugène en zocht hem op. We dachten: ‘Laten wij, als we zoveel kritiek hebben, een constructief alternatief opzetten’. Dat werd de Academie: een fulltime programma van een half jaar op de universiteit.”

Wat is de kern van de Bildung Academie?

“Wij koppelen theoretische elementen aan wie jij bent als persoon. Welke fouten maak je, ben je empathisch en krijg je andere mensen mee? Er is er veel aandacht voor ethiek: wat is de intentie van je handelen en wat zijn de consequenties? Daarnaast het expressieve: hoe sta je er bij, hoe houd je een verhaal? Van binnen naar buiten treden. Het werkt, we kunnen 35 mensen per
semester aan en we zitten steeds vol. Het aanbieden van Bildung is onze eerste pijler. Ook willen we Bildung naar universiteiten en hogescholen brengen, samen vakken ontwikkelen, zoals we doen met de VU en Hogeschool Utrecht. Onze derde pijler: breng Bildung naar de hele maatschappij.”

Wat is jullie didactisch uitgangspunt?

“Onze visie start met het geloof in het individu. Dat lijkt simpel, maar het is heel belangrijk. Wij gaan ervan uit dat mensen zich kunnen ontwikkelen. Vanuit dat vertrouwen geven wij verantwoordelijkheid. Eigenaarschap. En dan gebeurt er iets interessants: want als je eigenaarschap op een goede manier geeft, dan schiet de leercurve omhoog. Studenten zeggen dat ze bij ons meer leren dan in hun hele bachelor.”

Welke werkvormen van de Academie zijn geschikt voor rechters en officieren?

“Het is belangrijk anders onderwijs te geven dan vijftig jaar geleden. Zo hebben we de methode ‘Het contrapunt’. Dan organiseer je bewust tegenspraak. Als daar in rechtszaken onvoldoende oog voor is, ontstaat een tunnelvisie die kan leiden tot een gerechtelijke dwaling. Als je een goed contrapunt organiseert, kan een rechter of officier zichzelf scherp houden. We hebben allemaal onze biases, het is belangrijk je van deze vooroordelen bewust van te zijn. Een kernthema bij ons is ‘Ik & de ander’. Een docent die in scheiding ligt, kan onbewust anders omgaan met feministische literatuur. Als je als rechtbank merkt dat er te eenzijdig wordt gewerkt, maak dan ruimte voor een visie die daar lijnrecht mee botst. Geen kleine workshop, maar een stevig programma.”

De Bildung Academie hecht sterk aan maatschappelijke verantwoordelijkheid. Hoe geldt dat voor magistraten?

“Die verantwoordelijkheid is voor rechters en officieren cruciaal. Ze moeten wel, omdat de aanval tegen de rechtsstaat is ingezet, onder meer met de kritiek van Wilders. Dan moet je jezelf afvragen: ‘Doen wij iets om deze kritiek weg te nemen? Of hopen we dat het overwaait?’ Een goede boodschap is wellicht: ‘Rechters en officieren zijn mensen, maar
het zijn wel ongelofelijk goed getrainde mensen’. Laat zien dat je contrapunten opzoekt. Werk aan diversiteit: plaats in meervoudige kamers rechters met een diverse achtergrond: qua cultuur, man/vrouw, stad/ platteland. Laat magistraten contact zoeken met de maatschappij. Doe een project in een achterstandswijk. Werk samen met burgers. Met de billen bloot, in een ongemakkelijke context.”

Welke kwaliteiten heeft volgens jou de ideale docent of opleider?

Allereerst is een goede docent autonoom. Hij doet zelfonderzoek: waar ben ik goed in, welke methoden gebruik ik niet en waarom? Zo bevrijd je je uit vastgeroeste patronen. Daarna gebruik je makkelijker verschillende methoden. Verder moet een docent flexibel zijn. Kunnen inspelen op wat de rechter of officier inbrengt. Magistraten zijn professionals die veel kunnen en weten. Mijn gevoel is toch dat rechters vaak een programaatje worden ingeduwd, onder het motto ‘We worden even bijgeschoold’. Laat ze hun rijkdom aan casuïstiek inbrengen. Koppel daar competenties en leerdoelen aan.

Zo worden rechters en officieren enthousiast. Want ze kunnen dingen inbrengen waar ze tegen aanlopen. Zo ontstaat een magisch moment van uitwisseling.”

Welke werkvormen horen daarbij?

Bij ons is de ‘De Arena’ essentieel. Het startpunt van elk programma, hierin schets je de contouren en vraag je wat studenten willen. Er is een wisselwerking, waarin de student een stuk eigenaarschap op zich neemt. Dan is de helft van jouw werk als docent al gedaan, dan zit er een gemotiveerde groep. Een andere werkvorm is ‘Het Atelier’, waarin je echt aan de slag gaat. Op het eind toets je iets wat een rechter of officier heeft gemaakt. Dat mag een klassiek essay zijn, maar ook iets wat jij en je collega’s echt kunnen gebruiken. Zo maak je een heel tastbaar persoonlijk portfolio.”

Deze aanpak lijkt op het creditsysteem in de Rio-opleiding. Rio’s bepalen deels zelf hoe ze opdrachten inrichten. “Ik ben helemaal voor meer regie en praktijk. Het grappige is: als je mensen regie geeft, kunnen dingen ook mislukken. Dat moet je accepteren, anders ga je mensen afrekenen op het systeem dat er geen fouten gemaakt mogen
worden. Door vertrouwen te geven aan eigenaarschap, zeg je dat er ook dingen mis mogen gaan. Verder zou ik deze Riostudenten tot een tastbare creatie laten komen. Zet een extra stap, zet naast de vinkjes van de docent jouw eigen grote V. En gebruik dit niet alleen op de Rio-opleiding, maar ook bij de nascholing van ervaren magistraten.”

De nascholing van ervaren rechters en officieren heeft niet altijd prioriteit. Hoe kun je die motivatie versterken?

“Ik zou dat heel tastbaar maken. Pik een aantal rechters en officieren eruit en vraag ze: ‘Over welke thema’s wil jij nascholing?’ Die nascholing zou ik snel starten: ‘Bam, hier is het’. Zo laat je zien welke waarde nascholing heeft en met welke casussen de werkvloer moeite heeft. Deze groep rechters moet divers zijn en gezag hebben, zodat het leading by example wordt. Je moet dingen doen, in plaats van er steeds over praten.”

Welke bijdrage kan de Bildung Academie leveren aan de scholing van magistraten?

“Wij kunnen samen deze pilot opzetten. Inhoudelijk kunnen wij in jullie opleidingen bijdragen aan het confronterende element, het ervaringsgerichte en de persoonlijke ontwikkeling. Het is extra belangrijk dit binnen de rechterlijke macht toe te passen omdat de rechtsstaat een ongelofelijk groot goed is. Want de ontmaskering van de rechter gaat de komende jaren zeker door. Rechters zijn gewone mensen met hun biases. Als je niet oppast wordt dat gekaapt door populistische politici. Ik zeg: ‘Wees ze een stap voor en laat je zien in de maatschappij’.”

Benieuwd naar meer? Het volledige magazine is via deze link te bekijken!